De schaatscoach

Wat een medailles worden er gewonnen. Wat ben ik trots op die prachtige jonge mensen die daar enorme prestaties neerzetten. Ik voel mijzelf meeleven, ik juich de schaatsers vanuit mijn woonkamer toe en ben evenzo blij als het goed is gegaan.
Wat mij ook ontroert is de relatie tussen de coach en de schaatser. Wat wordt er meegeleefd, wat een mooie verbinding is er te zien tussen deze twee.

Maar wat is nou het verschil tussen de schaatscoach en de levenscoach? Juichen wij ook zo mee als de cliënt een enorme prestatie heeft geleverd? Vallen we elkaar in de armen bij een overwinning? Mag dat? Kan dat? Mogen we onze emoties ook zo tonen zoals de schaatscoach dat doet, of gaat dat te ver?

Tegenwoordig mag ik meer mijn emoties laten zien, mag ik laten zien dat ik trots en ontroert ben door stappen die de ander zet. Of geraakt wordt door verhalen van de ander. Mag ik mens zijn die zichzelf ook mag laten zien, zonder het verhaal over te nemen.
En dat doet de schaatscoach ook niet. De overwinning blijft bij de schaatser, die heeft de rit gereden. De coach heeft alleen geprobeerd het beste uit de ander te halen. En dat doen wij als (levens)coach ook.

En daar mogen we wel van genieten, vind ik.