Goedemorgen

Goedemorgen zeg ik. Goedemorgen Zoey, mijn hond, goedemorgen Dropje en Prinsje, mijn kippen, goedemorgen zeg ik tegen mijn kinderen en goedemorgen tegen de nieuwe dag.
En soms zeg ik goedemorgen tegen mijzelf in de spiegel. Of als ik mediteer, en dat doe ik de laatste tijd weer vaker, dan zeg ik werkelijk goedemorgen tegen mijzelf. Ik zeg dan welkom tegen mijzelf met alles wat er is. Welkom tegen alle gevoelens, gedachten en pijntjes. Wat is dat fijn om te doen, wat een mooi begin van de dag met werkelijk even aandacht voor mijzelf. Ik word dan mild en zacht maar ook aanwezig en helder.

Maar waarom doe ik dat dan niet elke dag? En waarom is het zo moeilijk om dié dingen te doen die werkelijk belangrijk voor me zijn?

Ik denk omdat we geleerd hebben en gewend zijn om met de aandacht elders te zijn. Omdat we van alles denken te moeten doen om waardevol te zijn, om erbij te horen, om aan bepaalde eisen te voldoen, om te geven of om gezien te worden.
Dus van alles te moeten doen in de buitenwereld om jezelf waardevol te vinden.
Zou het zo kunnen zijn?

Maar wat zo leuk is, en dan met name weer aan het begin van een nieuwe dag, dat je gewoon weer opnieuw kunt beginnen. Dat je bedenkt dat je ook anders kunt beginnen en start met een hele goedemorgen voor jezelf. Op een matje, onder de douche, in de tuin of met een lekker kop thee. En geniet.

Dus goedemorgen!